Tervuren, 7 november 2025
Op 17 december 2002, net voor de kerstvakantie, eiste de Oppemstraat het leven van de elfjarige Géraldine B. Ze was te voet op weg naar school. Een kwarteeuw later hebben onze burgemeesters het nog altijd over studies, beloftes en eindeloos overleg.
“En ik moet zeggen dat het een zeer constructief overleg was,” zei huidig burgemeester Thomas Geyns na een overleg met zijn collega uit Wezembeek-Oppem, Nicolas Celis. In zijn vertrouwde stijl — eentje waarin hij zijn eigen inzet graag in de verf zet — benadrukte Geyns hoe belangrijk hij structureel overleg met de buurgemeenten vindt, iets waar zijn voorgangers volgens hem te weinig op inzette.
Wrang klinkt ook de uitspraak van oud-burgemeester Marc Charlier, die de situatie “niet per se gevaarlijk” noemt. “Rome is niet op één dag gebouwd,” zei Charlier, nu schepen van Mobiliteit. Dat negeert de realiteit van onveilige oversteekplaatsen en een druk kruispunt waar de snelheidslimiet plots stijgt tot 70 kilometer per uur.
In die kwarteeuw hebben overleg, studies en goede intenties echter nog geen structurele verandering gebracht. Ouders blijven hun kinderen met een bang hart de straat opsturen richting het Heilig Hartcollege.
De risico’s voor kinderen op weg naar het Heilig Hartcollege zijn al decennialang bekend, zeker sinds het begin van de jaren 2000. Intussen blijft het verkeer aan de school even chaotisch en gevaarlijk als twintig jaar geleden, toen Géraldine werd aangereden.
Op 21 augustus 2001 kwam verderop langs de Leuvensesteenweg (N3) de 41-jarige Stefaan W. om het leven. Dat maakt het des te jammer dat het geplande voet- en fietspad daar intussen van de Vlaamse prioriteitenlijst is verdwenen.
De boodschap aan de fietsende en stappende kinderen van Tervuren — en hun ouders? Wacht nog even. Misschien tot 2036.
De kinderen van Tervuren hebben geen nieuwe studie of overleggroep nodig. Ze hebben veilige wegen nodig — vandaag, niet pas in de volgende legislatuur.
Als er morgen opnieuw een kind wordt aangereden, dan is dat geen ongeluk. Het is het tragische maar voorspelbare gevolg van jarenlange bestuurlijke traagheid en politieke lafheid.
